Friesch
Dagblad 26 juni 2004
Poëziekroniek door K.de JONG Ozn
Sluijter maakt belofte waar
Van
de dichteres Pem Sluijter(1939), die in 1997 met haar
debuut Roos is een bloem de C.Buddinh' -prijs
voor poëzie- debuten won, verscheen in april jongstleden
haar tweede bundel Het licht van Attika. De dichteres
heeft in de journalistiek gewerkt en bij het ministerie
van Buitenlandse Zaken, dus moet zij veel hebben gereisd.
Al lezend in deze bundel ervaar je dat dit zijn neerslag
heeft in deze gedichten. Zij het op heel verschillende
manieren, terwijl in deze min of meer biografische gedichten
ook haar eigen, persoonlijk leven in beeld komt.
Attica is de streek rond Athene, een van de fundamenten
van onze cultuur, dat staat voor helderheid, rationaliteit
en menselijke scheppingskracht. In het titelgedicht
Attica haalt de dichteres vanuit een eigen ervaring
het optimisme en de zekerheid dat dit cultuurbeeld voor
velen uitstraalt, echter meteen weer onderuit. Het gedicht
begint zo:
Op
een straatterras in Athene
overviel mij een kind
met een bruinvale tint.
Met ogen waarmee het tegen
vergeefsheid pleitte,
bood het papieren zakdoeken
per pakje te koop.
Maar de dichteres is met de Griekse cultuur bezig, ze
leest over de Engelse dichter Byron, die zich in het
begin van de negentiende eeuw zo intensief met die cultuur
bezig hield, het boek Een dichter voor zijn publiek.
En zij schudt nee tegen het meisje. Maar dan eindigt
het gedicht:
Honger
en mijn ontwijkende ogen
lagen open op tafel en het boek,
Een dichter voor zijn publiek dat
mijn leeshonger niet kon stillen,
zakte diep weg in mijn schoot.
Ziehier een exempel in een notendop van hedendaagse
problematiek, zoals het vaak in deze bundel voorkomt.
Ofwel, Pem Sluijter is een dichteres die midden in deze
tijd staat en niet, zoals tegenwoordig bij sommigen
mode is, een poëet die zich slechts insluit in
zijn eigen taaltuin, cq. doolhof.
Genoemd gedicht staat in een afdeling die Plaatsen van
schepping en duur heet. Het gaat veel over Griekenland,
over Russische muziek, eilanden van Darwin, Dante, maar
ook over een schippersvrouw die heel Noordwest -Europa
bevaart:
Aan
onberekenbaar leven
houdt zij vast. Hoe het aan de wal
zou zijn? Ondenkbaar.
Zij is schipperskind gebleven.
Vrede en oorlog
In de tweede afdeling, Beelden van vrede, komt het persoonlijk
leven nog meer aan de orde. Herinneringen aan haar jeugd,
soms wat cryptisch opgeschreven, maar daarin na 'dichtbij
lezen', goed herkenbaar en invoelbaar. Zoals in een
gedicht over hoe zij in het spitsuur in de stad rijdt,
met als slot:
Herinnering
en verlangen kruisen
terwijl zij voor het stoplicht remt.
Hoe kan het verstandelijk vermogen
onbevangen blijven zonder te
kennen wat het mist.
In feite hebben we hier te maken met in een vrij eenvoudige
taal geschreven poëzie. Niet al te lyrisch, niet
al te gestileerd in hoge poëtische sferen verkerend,
wel direct en zorgvuldig verwoord, zonder clichés,
vaak raak typerend. Het is ook poëzie met engagement,
niet al te idealistisch maar toch ook niet negatief,
onvermogen uitstralend soms, maar niet zonder uitzicht.
In de afdeling Beelden van oorlog komt, ik zou bijna
zeggen uiteraard, ook de oorlog in Palestina aan de
orde in het volgende gedicht met een treffende verwijzing
naar Izaäks offer. Het heet De binding.
Ze
hadden hem de explosieven-
gordel omgegespt. Voelden zich
geroepen brachten hem weg.
Halverwege zei hij ik wil niet dood.
Bleef daarbij. Zij keerden
op de weg die ze gekomen
waren. Ismaël die zichzelf
en Izaäk spaarde.
Zijn ouders zagen hem ontzet terug
van zijn gang naar de top van de berg
Moria, lieten hem niet uit hun ogen.
Wachten tot de God van Abraham
in een offer voorziet.
Architectuur van een land
In Architectuur van een land is Pem Sluijters eigen
land aan de beurt. Daarin lezen we schilderingen van
onze topografie, onze natuur, schaatsen op het IJsselmeer,
een reiger, de hofvijver in den Haag. Maar ook (kritisch)
over een 'Verblijfsvergunning´, indirect zo weergegeven,
over iemand die eindeloos moet wachten en achter een
wachtlokaal waar ze eindeloos moet wachten een wilde
iris ziet:
(...)
De wilde iris bloeit in tuinen
achter wachtlokalen,
een godenbede.
Haar satijnen wang tussen
rijdende bladen. Twee zwaarden
aan elke kant een.
Zij groeit uit een okselbed,
spreidt haar gezicht delicaat
tot de uiterste bloemdekranden,
verlangend zich in aandachtige ogen
gespiegeld te zien.
De dichteres draait als het ware het gezichtspunt om,
wat een verrassend effect heeft.
Wat zegt de slak
In de afdeling Wat zegt de slak komende zeer persoonlijke
waarnemingen aan de orde in woordschilderingen, zoals
over een reiger, een koolmees, een anjer en een boom
waar een verliefde de naam van een meisje in heeft gegrift:'
Naarmate je verder in de bundel komt merk je vaker dat
de dichter bijbelse gegevens en thema's kent en toepast.
Zoals het al genoemde gedicht over Izaäks offer.
Aan het slot komen zulke reminiscenties naar voren in
een gedicht over wat in de Bijbel 'De wonderbare visvangst'
wordt genoemd. Ook in een vers over De Drie Koningen,
die na de geboorte van Jezus nooit meer dezelfden zullen
zijn. Pem Sluijter eindigt met een gedicht met als titel
Zwaard door eigen ziel over Maria bij het kruis, dat
als volgt eindigt:
Haar
eigen rol daarin. Vanwaar zij
staat, ziet
het tedere hoofd en spijkervast een
voet.
Hoe zij hem zocht - zijn Vaders
dingen moet
hij doen - haar dodelijke angst,
begreep niet
toen zijn kindheidstaal. Johannes
grijpt met kracht
haar hand: vrouw uw zoon. Het
is volbracht.
Pem Sluijter heeft de belofte van haar debuutbundel
waargemaakt in deze soms diepzinnige en altijd scherp
geformuleerde poëzie.
Besproken: Pem Sluijter, Het licht
van Attika, uitgeverij De Arbeiderspers Amsterdam; prijs
15,95 euro.
|